538. Adieu!

Onbekend

Een rauwe schreeuw vanuit mijn ziel geeft aan
dat het diepste van de kern van mijn wezen
smacht naar de Goddelijke liefde, die alles overwint
Waarom dan het gemis dat zo sterk aanwezig maar onterecht is
Door jou omgeven wil ik ervaren wat de bergtoppen zijn
die de hoogtes verbeelden van mijn intense gevoelsleven
al was dat met een leger aan nimfen, dwalend door de woestijn.

Uitgeput, ineengekrompen, stekende pijn
en blind voor het onvolkomene maar toch
balancerend op een ragfijne draad die
hoop verbindt met geloof en liefde
De liefde die overblijft op de Grote Gloriedag
waarop allen, ik sta alleen in het schijnsel, zullen weten
dat deze zielsverwantschap niet kan en niet mag.

Kan de overtuiging samensmelten
die van meerdere zielengroepen verstrengeld ineen,
versus het eenmalige liefdesoffer van het Lam
vasthoudend, zonder omkijken naar de zoutpilaar die
alles passief maakt en mijn ziel doet kwijnen,
zonder erkenning van de geestelijke realiteit
verhult in een andere vorm van zingevingsspiritualiteit
waarbij de volledige overgave synoniem is voor het eigen welbehagen
Zijn we beiden niet veel te eigengereid?

Het verlangen om waardevol, onverdeeld en erkend te zijn
maakt van ons beiden gidsen die verlangen naar innerlijke groei
De kostbaarste schat is ons ontnomen, bekrast met venijn.
Vergeving -70 maal zeven- is nodig, levend water en brood,
De zoektocht gaat door, vol passie, door een zee van glas, kwetsbaar en in vurige strijd, tegen de dood.

Zo komen we steeds dichter bij die Eeuwige Bron
Die jouw angsten wegneemt en je richting zal geven
Van het ongeluksdal maakt Hij een poort van hoop
Als een kind kruip ik bij Hem op schoot
en laat mijn tranen drogen, onder de stralende zon.

Kon je mij uit liefde of medelijden niet laten weten
dat je me noodgedwongen plotsklaps zou moeten vergeten
Waar is mijn geweten, liefste?
Waar is ons geweten?

Zwijg!